Overzicht van albumrecensies
| Rick Ross - Teflon Don |
|
Maybach/Def Jam Door Bert Bentsink, 25-7-‘10
Want evenals op Ross’ voorgaande platen dient Teflon Don voornamelijk als een uithangbord voor de rapper zijn decadente levensstijl als drugsbaron. Omringd door mooie vrouwen hopt de rapper van de ene Italiaanse bolide in de andere en legt hij haarfijn uit waarom hij de beste is. Vanzelfsprekend houdt Ross zijn sigarenknipper dicht bij de hand en vloeit de rosé rijkelijk - sterker nog, de rapper is zo verzot op het roze goedje dat hij er zijn nieuwe alias naar heeft vernoemd: Ricky Rozay. Een koosnaam die hij overigens meerdere malen door zijn nummers brult. Het kan de luisteraar onmogelijk ontgaan: Ross staat aan de top van de voedselketen en rolt - zoals dat een grootheid betaamt - enkel met zijn gelijken. Jay-Z, Diddy, Kanye West, T.I., Erykah Badu; het is slechts een kleine greep uit het scala aan gastartiesten dat de rapper voor Teflon Don heeft weten op te trommelen. Met hen wordt ondermeer de Maybach Music-serie voortgezet - we zijn inmiddels alweer bij deeltje nummer drie - en gaat Ross, zij het beperkt, sporadisch de diepte in. Zo zal het gebruik van een sample van Huey P. Newton (mede-oprichter van de Afro-Amerikaanse, militante Black Panther-beweging) op Tears of Joy (met Cee-Lo) en Ross’ verdriet om zijn overleden vader in All the Money in the World (met Raphael Saadiq) waarschijnlijk even onverwacht als welkom worden onthaald. Hoewel de thematiek op Teflon Don, op de net genoemde uitzonderingen na, behoorlijk eenzijdig is, toont Rick Ross zich op de meeste nummers als een bekwame rapper met her en der opvallend treffende beeldspraak: “This is for the soldierst that see the sun at midnight”. Zijn sterkste kant blijft natuurlijk zijn beatkeuze. Deze is op Teflon Don opnieuw overwegend monumentaal en warm, net als op het eerdere solowerk van Ross. Wel dient te worden aangemerkt dat met name MC Hammer (met Gucci Mane) en B.M.F. (Blow Money Fast) (met Styles P) qua inhoud en instrumentatie wel erg veel gelijkenissen vertonen. Eén van de twee tracks zou - zeker gezien het eveneens lijkende I’m Not a Star - voor de uiteindelijke tracklist wel hebben volstaan. Enfin, dergelijke punten van kritiek vallen in het niet bij het horen van Live Fast, Die Young (met Kanye West), een banger van jewelste die de verwachtingen voor Kanye’s opkomende Good Ass Job nog eens extra opschroeven. Natuurlijk, er is genoeg aan te merken op Ross’ overwegend oppervlakkige en dikwijls verzonnen boodschap, maar de wijze waarop de rapper zijn eigen wereld construeert en geloofwaardig maakt getuigt toch van een bepaalde klasse. En hoewel het voor John Gotti uiteindelijk zijn extravagante persoonlijkheid en flamboyante levensstijl waren die hem tot de afgrond leidden lijkt er voor Ross vooralsnog geen vuiltje aan de lucht. Ook Teflon Don zal zich - net als zijn voorgaande platen - deze zomer weer gewoon in mijn iPod nestelen. Op naar nummer vijf, Ricky!
|

“If I die today, remember me like John Lennon” rapt Rick Ross op opener I’m Not a Star. Inderdaad, van zijn paramnesische grootheidswaan is de rapper uit Miami nog lang niet genezen. Sterker nog; Ross koos de koosnaam van John Gotti - één van de meest fameuze maffiabazen uit de Amerikaanse geschiedenis - als titel voor zijn vierde soloplaat, en hij stelt zich de daarop volgende vijftig minuten op gelijke hoogte met wat zijn idool moet voorstellen.